Andrew Tjon A Ong de gelukkige kampioen

Verslag: Harry de Waard

De hoeveelste keer ook al weer?

Toen ik bij de prijsuitreiking Andrew vroeg voor de hoeveelste keer hij nu UPDB-kampioen was geworden, antwoordde hij laconiek: “Heel wat keertjes, maar hoeveel precies dat weet ik niet meer.”

Afgelopen woensdag was het dan zover en mocht de Maarssenaar uit handen van Harry de Waard de beker met de grootste oren in ontvangst nemen. Over zijn partij meldde Andrew het volgende: Toys had de laatste tijd het Half-Open klassieke speltype bestudeerd en probeerde dat nu in de praktijk uit. Doordat hij nog niet veel ervaring in dit speltype had, werd hij reeds in de beginfase van de strijd met een openingscombinatie geconfronteerd, die tot nu toe slechts 1 keer eerder in een officiële partij was uitgevoerd. Dat was in het NK 1977 door Hans Jansen tegen Ad van Tilborg. De combinatie leverde Andrew schijfwinst op en direct gooide Toys  de handdoek in de ring. Hij vond het welletjes. Andrew ging daarbij Henk Ruesink in het klassement voorbij, die “gratis” de punten in de schoot kreeg geworpen omdat Jan van de Veen om gezondheidsredenen afhaakte.

Alle ogen waren dus daarna voortdurend gericht op Arne die nog volop bezig was met Leo van der Laan. De OG’er moest nu winnen om een barrage met Andrew af te dwingen. Zou de geschiedenis van vorig jaar zich herhalen? Toen was een tweekamp nodig tussen deze 2 kemphanen om uit te maken wie zich kampioen van de UPDB 2023 mocht noemen.

Zo ver kwam het echter niet, want ook al ging de man uit Bunnik nog ver door, Leo verdedigde zich kranig en wist uiteindelijk een  remise uit het vuur te slepen. De Gooilanddammer eiste uiteindelijk een verdienstelijke vierde plek op in het eindklassement.

Arne zelf over zijn partij: “Zoals het op de UPDB-website staat klopt het helemaal. Voor mij was het geen gemakkelijke avond, met de wetenschap dat Henk en Andrew al snel twee punten rijker waren, en dat ik vanwege m’n slechte weerstand (want als enige gespeeld tegen de hekkensluiter) een eventuele barrage tegen Andrew ditmaal zou moeten winnen…. Maar zover kwam het dus niet. Ik speelde misschien wel mijn sterkste toernooi ooit, maar dat bleek geen garantie voor succes.” Met Leo van der Laan kreeg hij in de slotronde dezelfde tegenstander als het vorig jaar, maar waar Leo toen blunderde wilde hij deze keer van geen wijken weten. Vanaf de opening had Arne een veelbelovende stelling (eerst half open klassiek, later gunstig centrumspel) en dat voordeel hield hij tot in het eindspel vast. Maar helaas, daarin was hem toch geen echte winstkans gegund. Na afloop moest Arne zich dan ook verbijten dat hij tegen beide directe concurrenten de winst had laten zitten, en dat die beide concurrenten ook wel wat meer geluk hadden in andere partijen. Wel behaalde Van Mourik zijn zoveelste podiumplaats in de afgelopen tien jaar, maar de titels van 2014 en 2019 liggen toch al weer jaren achter ons. Volgend jaar een nieuwe kans,” aldus Arne.

Bram Cysouw en Harry de Waard haalden evenveel wedstrijdpunten in dit kampioenschap. De Barnevelder bouwde wel 3 weerstandspuntjes meer op, zodat hij 5e en ondergetekende als 6e finishte in het eindklassement.

De partij tussen Lucien Farzan en Bram Cysouw verliep gelijkwaardig en nergens werd het evenwicht gebroken.

Harry de Waard en Kennedy Krishnadath speelden een vlakke partij. Met name de zwartspeler wist hoe je ruilen moest waardoor er in de openingsfase veel hout van het bord verdween. In het late middenspel kreeg De Waard toch aanknopingspunten en stond hij duidelijk beter. Een thematisch zetje op de 45e zet zou de winst hebben opgeleverd, maar door een gigantische blunder een tiental zetten later kostte hem de overwinning!

Cock van Wijk deelde de punten met Evert van de Pol. Na de opening was het voor Cock duidelijk dat zijn tegenstander geen flankspel wilde, maar een rustig klassiekachtig spel. De OG’er ging daarin gedeeltelijk mee, maar slaagde erin de stand van Evert open te breken met op het oog gunstig spel. Een afwikkeling met een losse voorpost op 28 voor Evert zag de Vleutenaar echter niet als kansrijk. In plaats daarvan bouwde hij een mooi centrum op. Een opstoot naar 23 was mogelijk, maar niet zonder gevaar. En met al 3 verliespartijen in dit kampioenschap besloot Cock niet tot het uiterste te gaan. Een doorbraak naar dam zag er eventjes kansrijk uit, maar Evert gaf geen krimp en pakte een punt.

Fred Wortel speelde zijn laatste kampioenschap voor de UPDB. Niet omdat hij het niet meer leuk vindt, maar omdat hij onlangs is verhuisd naar Dronten. De reistijd van een uur is hem net even te lang. Na een rustige opening ontstonden er de contouren van een klassieke partij. Met het opbrengen van schijf 16 naar 26 probeerde Henk Doedens met zwart zich klaar te maken voor meer druk op wits linkervleugel. Daar hoorde zwarts 17e zet ook bij. Fred ruilde echter af om vervolgens de logische opbouw te verhinderen. Helaas koos Henk toch voor deze opbouw en moest hij het niet veel later met een schijf minder doen. Hij had wel wat compensatie, maar in het late middenspel profiteerde de LDV’er van een gaatje in de verdediging, brak vervolgens door waarna Doedens onmiddellijk de ongelijke strijd opgaf.

Ruud Klaarenbeek won van Bryan Brank, die bepaald niet zijn sterkste kampioenschap speelde. Er ontstond een rustige opening tot de zwartspeler op de 14de zet een
voorpost plaatste. Het bleek een gewaagde opstelling, want de omsingeling die Klaarenbeek toepaste sneed hout. De ADG’er nam een doorbraak voor een schijf, eigenlijk het begin van zijn ondergang. Hij kon voortdurend geen dam halen door tegenacties terwijl Ruud voortdurend schijfjes van zijn tegenstander oppeuzelde. Uiteindelijk kreeg Ruud loon naar werken en verraste hij zijn tegenstander met een leuke finesse.

Klassiek was te zien op het bord bij Jan Ongolesono en Bert Habets. Beiden deden elkaar geen kwaad en het werd dan ook een rustige partijopbouw. Na ruim 50 zetten vonden beide heren het welletjes en deelden de punten.

Arie Koster kampioen van de Eerste Klasse

Verslag: Harry Vredeveldt

In de Eerste klasse bleef Jude Kasangaki weg en werd Hans Loots derde; kampioen werd Arie Koster, die Hans Verhoeven uiteindelijk versloeg en kwam Dirk Bijkerk net niet verder tegen Nico Verhoeven dan remise. Hier werd Arie dus eerste en werd Dirk met gelijk aantal wedstrijdpunten, maar met 1 weerstandpunt minder, tweede. Beide spelers speelden een bijzonder sterk toernooi (+5).

De wedstrijdtafels stonden naast elkaar: Dirk Bijkerk tegen Nico Verhoeven en Arie Koster tegen Hans Verhoeven. Zowel Dirk als Arie stonden op een gegeven moment beter; beiden hielden de borden van de concurrent in de gaten. Of het nu daardoor kwam, of door de spanning: Dirk liet een veelbelovende stelling remise lopen, terwijl winst voorhanden was en Arie speelde stoïcijns wat gelukkig naar de winst. Het lijkt bij Arie zo simpel te gaan: een afruiltje hier, een afruiltje daar en tegen het eindspel heeft hij de betere stand, wat hij bijna feilloos naar de winst voert.

Dirk schreef over zijn partij: “Om concurrenten Arie Koster en Jude Kasangaki voor te blijven in deze laatste ronde zou Dirk het beste ‘gewoon’ winnen, maar Nico verdedigde zich taai tegen wits  Roozenburg aanval. Niettemin werd hij in de verdediging gedrongen, en aan het eind van het middenspel resteerden voor hem een aantal randstukken. Het uitzicht op wits overwinning werd echter verstoord, omdat diezelfde zwarte randstukken een zekere behoefte hadden om naar dam te lopen, hetgeen ook lukte. Er resteerde remise, zeker toen Nico bij de laatste zet op het goede veld dam haalde”.

Hans Vermeij (de verrassing van dit toernooi!) en Jaap Langerak speelden in deze laatste ronde tegen elkaar. Jaap schreef hierover: “Na de gebruikelijke ruilen in de opening een aanvallende pot, Hans posteerde een schijf op 24. Jaap ging met zwart richting 27. Jaap liet toe dat Hans daar 4 sterke schijven had staan. Maar wel met een gespleten stand. Aanvulling was nodig. Dat lukte niet echt. Dus ruilde Hans af met 40: 24-20 etc. Op dat moment zat er echter een winnende forcing in voor de witspeler. In plaats van 40: 24-20 was 37-32 de aangewezen forcerende zet. Beiden niet gezien. De Hilversummer kwam dus goed weg en kreeg door de afruil een sterke centrumschijf met licht voordeel. Jaap kon dat voordeel uitbouwen en uiteindelijk de partij winnen.”

Jan Vermeulen bleef opnieuw ongeslagen, nu tegen Eric Dubelaar. Eric speelde een partij uit één stuk. Alles leek te kloppen, maar steeds wist Jan de dreigingen te bezweren. Maar dan ruilt Eric in het eindspel (3 om 3) te snel af en is het remise!

Chris Schippers en Jan Koerselman speelden een prachtige partij voor de neutrale toeschouwer: in de opening verschalkte Chris Jan met een mooie combinatie, die hem schijfwinst opleverde. En toen kon het netjes afruilen voor Chris beginnen. Chris verzuimde echter formaties op te bouwen, wat Jan wel lukte en moest in de verdediging. Zwart kon een dreigende aanval op de lange vleugel van wit opbouwen en met een gemene combinatie op links doorbreken en daarmee zijn schijfverlies weer teniet doen. Daarna rondde Jan het technisch keurig af naar winst en kon hij met een goed gevoel afreizen naar de Achterhoek.  

Mahesh Shankar en Hensley Nepomuceno plaatsten allebei een voorpost, die vakkundig werden weg geruild. Woerdenaar Mahesh stuurde later opnieuw een schijf vooruit, maar vergat deze voldoende te steunen met schijfverlies tot gevolg. Daarna liet Mahesh zich aftroeven door Hensley en belandde hij in een kansloos  overmachtseindspel.

Harry Vredeveldt dacht tegen Cor Vonk in het spannende  eindspel de winst in handen te hebben, maar werd verrast door een offer, waarna het pot-remise was. Beide spelers maakten geen echte fout in deze interessante partij.

Wim de Jong en Hennie van Lambalgen maakten er een onderhoudende partij van met voetangels en klemmen. Hennie kreeg duidelijk de overhand, maar verzuimde de aanval van Wim te neutraliseren. Wim schreef: “Na een spannende strijd met Hennie is het toch nog remise geworden”.

In de laatste partij van de avond namen Ben van der Linden en Leo van Raaij in een saaie partij elkaar niet de maat. Ben sloot met deze remise een voor hem tegenvallend toernooi af.

Terugkijkend op dit toernooi in de Eerste Klasse, was het optreden van de beide jeugdspelers Jasmina en Mohammed Benhari en de herintredende debutant Jan Vermeulen meer dan voldoende. Prima dat zij zich inschreven voor deze klasse en dat het naar meer smaakt om op dit niveau te strijden en te leren.

Piet van Dijk kampioen van de tweede klasse

In de tweede klasse werd woensdagavond lang gewacht op Sjef Valk, vanwege vervoersproblemen. Piet van Dijk won snel van Jan Drijver: “De heer Drijver en ik speelde een regelmatige partij, waarin hij een paar foutjes maakte, zodat ik nog vrij gemakkelijk kon winnen”.

Karel Hammacher overrompelde Peter van der Zwaag, waardoor Karel steeg op de ranglijst en Peter buiten de prijzen viel.

Debutant Wim Zwanink behaalde in een partij met wisselende kansen verrassend een keurige remise tegen Ruud de Koning.

René Runhaar speelde tegen de verlate Sjef Valk en besloot uiteindelijk de remise te accepteren, omdat de taxi voor Sjef Valk om 23.00 uur klaar stond.

Hierdoor werd Piet na een mooi toernooi verdiend kampioen. In geen enkele partij kwam Piet in de problemen en een 100% score behoorde zeker tot de mogelijkheden voor hem, als hij alle kansen had benut.

Dé verrassing in de tweede klasse was het optreden van Mario Lambrechts, die samen met Karel Hammacher en Ruud de Koning op 10 punten uitkwam.

Tragisch was in deze klasse het overlijden van Andreas Ongers vlak voor het begin van de eerste ronde. Jammer dat na de eerste ronde twee spelers afhaakten.

1 gedachte over “Andrew Tjon A Ong de gelukkige kampioen”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Scroll naar boven